Behang plakken lijkt ingewikkeld, maar met de juiste voorbereiding valt het reuze mee. Veel mensen zien er tegenop omdat ze bang zijn voor luchtbellen, scheve banen of een patroon dat niet aansluit. Toch zijn dit problemen die je makkelijk voorkomt als je weet wat je doet. Of je nu voor het eerst een muur wil bekleden met behang of al eerder hebt gewerkt met wandbekleding, de basis is altijd hetzelfde: goed voorbereiden, rustig werken en secuur meten.
De juiste voorbereiding is het halve werk
Voordat je ook maar een rol behang openrolt, moet je de muur goed klaarstomen. Verwijder eerst het oude behang volledig en zorg dat de muur schoon, droog en glad is. Kleine gaten of scheuren vul je op met muurvuller. Laat dit goed drogen voordat je verdergaat. Daarna is het slim om de muur te behandelen met een muurprimer of behangondergrond. Dit zorgt ervoor dat de lijm goed hecht en dat het behang later makkelijker te verwijderen is als je ooit van de inrichting wilt wisselen. Gebruik een waterpas om een rechte verticale lijn op de muur te tekenen. Deze lijn gebruik je als startpunt voor je eerste baan.
Meten, knippen en lijm aanbrengen
Goede afmetingen zijn de basis van een mooi resultaat. Meet de hoogte van de muur op en voeg daar een paar centimeter extra aan toe, bovenaan en onderaan. Zo heb je speling om het behang precies af te snijden. Heb je behang met een patroon, dan moet je extra rekening houden met het rapportgetal. Dit is de afstand waarna het patroon zich herhaalt. Alle banen moeten op het juiste punt beginnen zodat het patroon aansluit aan de naden. Dit kost meer behang, dus houd daar rekening mee bij het berekenen van je benodigde hoeveelheid. Bij normaal behangselen breng je de lijm aan op het behang zelf, maar sommige soorten wandbekleding worden verwerkt door de muur in te lijmen. Check dit altijd op de verpakking.
De banen op de muur aanbrengen
Zet de eerste baan tegen je getekende verticale lijn aan en werk van boven naar beneden. Strijk het behang met een behangschilder of glad plastic spatel rustig glad, van het midden naar de zijkanten. Zo duw je luchtbellen naar buiten. Werk vlot maar niet gejaagd, want behanglijm geeft je een beetje tijd om te corrigeren. Sluit elke volgende baan precies aan op de vorige, zonder overlap en zonder tussenruimte. Bij behang met een verspringend patroon beginnen de even banen op een andere positie dan de oneven banen. Meet dit goed uit voordat je knipt. Snij het overtollige behang onderaan en bovenaan netjes af met een scherp afbreekmes en een liniaal.
Afwerking en veelgemaakte fouten voorkomen
Na het plakken zijn er een paar dingen die het eindresultaat kunnen verbeteren. Veeg overtollige lijm direct weg met een vochtige spons, want ingedroogde lijm is lastig te verwijderen en kan vlekken achterlaten. Druk de randen langs het plafond, de plinten en de hoeken goed aan. Let bij binnenhoeken op dat je het behang niet omvouwt maar een nieuwe baan begint, zodat de naden strak blijven. Laat het behang na het plakken goed drogen met de ramen en deuren dicht. Tocht en directe zon kunnen er voor zorgen dat het behang terugkrult of bobbelt. Kijk na het drogen of er plekken zijn die nog extra aangedrukt moeten worden. Met wat lijm en een kwastje zijn kleine loszittende randen altijd nog te herstellen.
Veelgestelde vragen
Hoeveel behang heb ik nodig voor een kamer?
Bereken het behangoppervlak door de omtrek van de kamer te vermenigvuldigen met de hoogte. Trek daar de oppervlakte van ramen en deuren af. Houd bij behang met een patroon altijd 15 tot 20 procent extra aan, omdat je bij het afstemmen van het patroon meer weggooitverlies hebt dan bij effen wandbekleding.
Wat is het verschil tussen behang op de muur lijmen en behang op de baan lijmen?
Bij behang op de baan lijmen breng je de lijm aan op het behang zelf en laat je het even weken zodat het soepel wordt. Bij de muurtechniek breng je de lijm aan op de muur en hang je het behang er direct tegenaan. Welke methode je gebruikt, hangt af van het soort behang. Vliesbehang wordt bijna altijd via de muurtechniek aangebracht, terwijl papierbehang vaker op de baan wordt gelimd.
Hoe voorkom ik dat naden zichtbaar zijn na het drogen?
Zichtbare naden komen vaak doordat banen niet precies op elkaar aansluiten of doordat de muur niet glad was voor het behangen. Zorg voor een goed voorgeprepareerde ondergrond en druk elke naad goed aan met een naadroller. Vermijd overlap bij de naden, want dat geeft een rand die na het drogen opvalt.
Kan ik behang plakken over bestaand behang heen?
Dat is af te raden. Oud behang kan loslaten door het gewicht en het vocht van de nieuwe lijm, waardoor het nieuwe behang bobbelt of naar beneden trekt. Het is beter om het oude behang eerst volledig te verwijderen en de muur daarna te behandelen voor een goede hechting.



